Nergens heb ik zo genoten van de roofvogels die over de Hongaarse velden scheren op zoek naar prooi. Wat een heerlijk land.
Maar nu terug naar de bostocht.
Op 31 juli stond er een mooie wandeling op het programma door de bossen van Erdokürt in Hongarije. We zouden het wild reservaat doorkruisen en als we geluk hadden konden we misschien ook nog en glimp opvangen van naar voedsel zoekende wilde zwijnen. De wandeling zou onderbroken worden met een traditionele Hongaarse barbecue.
Na afloop en afsluiting van de dag werden we bij Tibor thuis uitgenodigd voor een originele maaltijd porkolt met een koel drankje erbij.
Het klonk natuurlijk allemaal heel leuk en fijn maar er moesten wel genoeg gegadigde te vinden zijn om deze tocht te kunnen volbrengen. Met een grote groep is zoiets natuurlijk veel leuker dan met 3 of 4 man.
Deze tijd van het jaar was daar perfect voor want Nederland was aan het leegstromen en al die Secondhome eigenaren en toeristen waren inmiddels neergestreken in het zonnige Hongarije.
Erna is aan het bellen geslagen en in no time hadden ze een groepje van 10 wandelliefhebbers verzameld. De tocht zou voor 75% door de bossen gaan dus van het weer hadden we ook niks te vrezen.
Tibor wilde graag 1 hond meenemen om eventuele wilde zwijnen op een afstandje te houden, het schijnt dat wilde zwijnen een afkeer hebben van een hondengeur en dan automatisch je zouden proberen te ontwijken.
Daar het een lange dag zou worden besloten wij zowel Luc als Dobbie mee te nemen. We wilden ze liever niet een hele dag alleen in de tuin van ons huisje laten en zo konden we Dobbie ook even uittesten hoe zij zich in een groep zou gedragen. Dus alles was geregeld.
Op de ochtend van 31 juli stonden we om 8 uur in de ochtend al bij Jef en Erna voor de deur. Samen zouden we naar Tibor gaan. Inmiddels hadden zich bij Erna ook al 2 toeristen gemeld en na een vlugge kennismaking vertrokken we richting Tibor.
Onderweg kwamen we Joke en haar kinderen tegen, ook zij waren op weg naar Tibor.
Inmiddels melde Henk en Ingrid samen met dochter Lizette zich bij de groep en waren we kompleet.
Dat Tibor er zin in had bleek wel aan het enthousiasme en aandacht hoe alles georganiseerd was. We kregen allemaal een overlevings tasje met een fles water. In het tasje zat onze barbecue lunch bestaande uit een pakketje brood, spek en een lekkere kolbas (paprika worst) een paprika, tomaat en ui. Als toetje was er nog een lekker sappige appel toegevoegd. Heel origineel werden er wandelstokken uitgedeeld met de mededeling dat die het wandelen een heel stuk aangenamer zouden maken als we er eenmaal het nut van hadden ingezien.
Onze tocht kon beginnen, de zon scheen uitbundig, dus onze dag kon niet meer stuk.
In mijn gedachten ging het liedje: de bossen in de paden op, door mijn hoofd. Nu ben ik nooit zo'n fan van wandelen met warm weer geweest, maar het vooruitzicht dit door die prachtige natuur en door de bossen te mogen doen kikkerde me weer een beetje op.
De eerste paar kilometers gingen over akkers en weide gronden met boven ons die koperen ploert die zelfs al was het pas 9 uur nu al zijn stralende hitte over ons heen bombardeerde.
Dit was toch even iets anders dan een rondje door het park met de honden.
Al vlug werden de eerste waterflesjes uit de tasjes gehaald om het nodige vocht weer aan te vullen. Het vrolijk gekwetter van al die opgewonden stemmetjes verstomde al snel en werden vervangen door een hoop gekreun en gesteun. Eindelijk bereikten we de bosrand en konden we weer opgelucht ademhalen. De eerste etappe hadden we overleefd.
Onderweg werden we gewezen op allerlei kleine dieren die we normaal gesproken gewoon voorbij gelopen zouden zijn. Jonge kikkertjes die op een boomstronk zaten te zonnen, kleine hagedisjes die vliegensvlug weg schoten tussen het struikgewas en als klap op de vuurpijl liet Adam, Tibor's 14 jarige zoon, ons het gewei van een vliegend hert zien. Deze grote kever is ook in Hongarije een beschermd insect en blijkbaar zou het gewei van zo'n diertje ook nog geld opbrengen. Trots en voorzichtig heeft Adam dat ding de gehele dag zorgvuldig in zijn hand gehouden.
Al spoedig kwamen we bij de poort van het reservaat en met een eigen sleutel opende Tibor voor ons de deur. Hij adviseerde ons vooral voorzichtig te zijn en niet te veel kabaal te maken, Bij elkaar blijven met de honden goed in het zicht.
Nauwelijks 100 meter binnen de poorten van het reservaat kwam er iets donkers tussen het struikgewas uit. Tibor hield halt en de rest volgde zijn voorbeeld gedwee. Een half volwassen zwijnen beer( mannetjes zwijn) kwam op zijn dooie akkertje tussen het kreupelhout uit met in zijn kielzog een veel groter exemplaar met van die heerlijk uitstekende slagtanden.
De honden die normaal heel alert zijn op alles wat geen hond is hielden zich opvallend rustig en Dobbie die zich normaal heerlijk kan aanstellen bij het zien van een kat of egel deed een stapje terug.
Het verhaal dat wilde zwijnen het niet op honden hadden bleek een fabeltje zijn geweest of deze 2 schatjes hadden dat verhaaltje nog niet gehoord.
Gestaag bleven ze op het pad lopen en kwamen steeds dichterbij. Tibor die ons ongeveer 3 % kans op een ontmoeting had gegeven stond even in dubio.
Wat moest hij nu doen? De zwijnen waren niet van plan om ons toegang tot het park te geven en de weg eromheen was een lange en zon rijke tocht.
Op een gegeven moment kwam er een man tussen de bomen door, het was de jachtopzichter en na een kort overleg met Tibor werd ons medegedeeld dat we beter voor de langere route konden kiezen. De zwijnen waren redelijk agressief want er was gezinsuitbreiding. Nu leek het ons allemaal wel leuk om die kleine biggetjes eens van dichtbij te bewonderen, maar de aanblik van de grotere exemplaren deden ons toch besluiten rechts om keer te maken.
Eenmaal buiten de poort vervolgden we onze weg, langs de hekwerken van het reservaat, heuveltje op heuveltje af. Toen kwam er dus echt een heuvel...... normaal gaat heuvel af wel lekker maar dit was er een in de categorie skipiste. Zigzaggend vervolgden we onze weg naar beneden. Puffend en zwetend bereikten we na een flinke wandeling ons barbecue stekkie.
Hier bevond zich een waterbron waar we onze watervoorraad weer konden aanvullen en de honden eens lekker konden laten drinken en onze vermoeide met schrammen getooide benen konden laten rusten.
Tibor en Adam gingen zich bezig houden met het snijden van barbecue stokken. Deze werden in een wichelroede vorm gesneden zodat het vlees en de groeten er niet af zouden vallen.
Het vuurtje werd in een speciaal daarvoor bestemde cirkel van stenen aangestoken. Voor ons was er nu tijd om uit te puffen en elkaar eens wat beter te leren kennen.
Een leuke ervaring dat barbecuen boven een kampvuur, alleen de hitte die er vanaf kwam zou in de wintermaanden meer gewaardeerd worden, lijkt mij.
Ongeveer 2 uur hebben we heerlijk gerust en geklets op dit schaduwrijke plekje diep in de bossen van Erdokürt. Toen werd het toch echt tijd om weer richting bewoonde wereld te trekken.
Helaas werd mijn nachtmerrie werkelijkheid. De skipiste die we eerst waren afgedaald moest nu de andere kant op bedwongen worden. Nu is klimmen al helemaal niet mijn sterkste kant maar dit was een regelrechte hel. De hele groep had de hoogste top van de helling al bereikt toen Jef en ik total loss en geheel buiten adem zich bij hen voegden.
Niet alleen Jef en ik hadden het zwaar. Luc, ons ouwetje zag het ook duidelijk niet meer zo zitten. Voor hem was de fun er ver af. De hitte en de krachtsinspanning van die heuvel hadden hem over verhit.
Het was tijd voor een stop. Gelukkig hadden we onze water voorraad weer behoorlijk op peil gebracht en na een afkoelingsperiode konden we weer verder. De weg terug leek veel langer dan de heenweg, raar normaal lijkt het net anders om.
Na ruim 1 uur ploeteren door struiken en boomstronken bereikten we een kleine grot. Hier zouden we halt houden en Tibor werd er op uit gestuurd om IETS te verzinnen om ons zo snel en liefst zo makkelijk mogelijk weer in Erdokürt te krijgen.
Vol goede moed ging hij op pad om zijn auto met aanhanger te halen.
Wat was die grot een verademing, heerlijk koel en schitterend gelegen ergens diep tussen de bomen.
Na een poosje kwam het verlossende telefoontje, we moesten nog een stukje wandelen en dan stond Tibor daar met onze taxi.
Nou dat stukje bleek een heel stuk te zijn en die taxi was een grote aanhanger die normaal gebruikt wordt om bouwmaterialen mee te vervoeren. Gek hé dat het je in zo'n geval geen ene moer kan schelen hoe je gereden wordt, als je maar gereden wordt.
Je snapt natuurlijk wel dat het een heel komische aanblik gaf van ik heb mijn wagen vol geladen.
Tibor moest bewust de hoofdwegen vermijden want hij vermoede dat de politie zijn manier van transporteren niet zo geslaagd zou vinden. Die moest hij dus zeker niet tegen het lijf lopen.
Op het vertrekpunt aangekomen konden we gaan genieten van een heerlijke Hongaarse maaltijd op traditionele wijze bereid. Dus in de ons bekende heksenketel.
Als afsluitertje van onze wandeltocht zijn we Ester, de plaatselijke pottenbakster ook nog met een bezoekje gaan vereren.
Zeer leuk om te zien met welke primitieve materialen, zoals een ouderwetse Hongaarse steenoven, zo'n mooie kunststukjes gemaakt konden worden. Voor het kapitale bedrag van € 8 heb ik 1 schaal en 1 mooie kan gekocht. Dit ter aankleding van mijn nieuwe aan te leggen keuken, maar natuurlijk ook om de plaatselijke pottenbakster financieel een handje te helpen.
Al met al was deze wandel dag zeer vermoeiend maar ook onvergetelijk. We waren een leuk gezelschap bij elkaar en onze gidsen en gastvrouwen hebben zich werkelijk alle moeite genomen om ons deze dag te laten ervaren.
Erna en Jef, bedankt voor jullie inspanningen, maar de grootste dank aan Tibor en Adam, Sylvia en oma, die zo goed voor ons gezorgd hebben.